onderwijs 101

een tour door onderwijsland

Voor de klas staan lijkt je wel wat, maar welk type onderwijs past bij jou? Je denkt misschien in eerste instantie aan basisonderwijs vs. voortgezet onderwijs, maar er is zoveel meer! Zóveel zelfs, dat het een uitdaging kan zijn om door de bomen het bos nog te zien. Daarnaast is men in onderwijsland nogal dol op afkortingen, maar wat betekenen die dan allemaal? Geen zorgen, wij maken jou wegwijs. In ‘Vijf vragen aan’ hoor je verschillende leraren en docenten aan het woord over hun type onderwijs en wat dat allemaal inhoudt. Wil jij een onderwijstype of ander onderwerp aandragen? Laat van je horen door te mailen naar hermen@echtonderwijs.nl

Basisonderwijs

“Veel mannen hebben het idee dat ze in het basisonderwijs een bepaalde methode moeten volgen, en kiezen daarom voor het mbo of het voortgezet onderwijs, terwijl dat helemaal niet zo hoeft te zijn. (…) Je moet als docent die ruimte zelf nemen, en als je dat lef hebt, dan kun je overal je eigen draai aan geven en echt je ei kwijt in het basisonderwijs.”

“Het belangrijkste is hoe jij kinderen ziet. Als jij kinderen wilt helpen in hun ontwikkeling, maakt het denk ik niet uit of dat op een reguliere basisschool is, of in het speciaal basisonderwijs, als je maar niet oordeelt. Niemand is dom, niemand is slecht, maar soms is dat wel wat kinderen denken als ze hier komen, dus als je in dat gevoel het verschil wil maken, dan kan dat zeker op een sbo-school.”

voortgezet onderwijs

“Als ik lesgeef ben ik heel erg bezig met de studenten; ‘Wat vinden jullie van de lessen, wat vinden jullie makkelijk, wat vinden jullie moeilijk, en hoe kan ik daar als docent op inspelen?’, en dat verschilt natuurlijk ook weer per klas. Je bent er voor een student of leerling, en niet alleen voor jezelf. Maar als je inspeelt op de behoefte, ontwikkel je jezelf, en ben je denk ik óók een goede docent.”

“Als docent in het voortgezet onderwijs heb je heel veel vrijheid hoe je het didactisch wil gaan aanpakken. Er zijn docenten die heel erg veel op de echte kennisoverdracht zitten, maar je kunt ook heel veel vaardigheden aanleren. Ik ben veel bezig met dialogen, (…) vooral in gesprek gaan en leren luisteren, het uitwisselen van ideeën, terwijl een andere docent misschien weer meer aandacht besteed aan bepaalde werkvormen waarin veel aandacht is voor samenwerken.”

“Wees helder over hoe de rollen zijn verdeeld. ‘Ik ben niet je mattie, maar je docent. Je krijgt fatsoen en dat verwacht ik ook van jou’ – dat zeg ik niet, maar dat laat ik zien met mijn handelen.”

“Wat heb je nodig? Inlevingsvermogen, humor en eerlijkheid. Ga al bij je stages in gesprek met leerlingen búiten de lessen. In de aula, op het schoolplein, op kamp. Leer elkaar op een andere manier kennen. Als ze je alleen maar zien als de lesgever, is er geen band en dan gaan ze je testen.”

“Het OPDC staat voor orthopedagogisch didactisch centrum, en hier kunnen leerlingen naartoe wanneer zij vastlopen op school. Dit kan gebeuren vanwege spijbelen, motivatieproblemen of ongewenst gedrag. School heeft meerdere interventies gepleegd, maar die werken niet, en dan kunnen ze overgaan tot een aanvraag voor het OPDC.”

“Je moet veel geduld hebben vind ik, en dat is gewoon een mooie eigenschap. Dat kun je de leerlingen trouwens ook leren, als je een eigenschap of kwaliteit zelf beheerst kun je dat ook uitleggen en overdragen aan leerlingen. En je moet er voor zorgen dat ze zelfvertrouwen krijgen.”

"We hire character & train skills"